Samen werken aan een leefbaar inkomen: op bezoek bij het Boni-cacaoproject in Ivoorkust
Begin maart trok Fairtrade Belgium samen met Colruyt Group en Foundation, Puratos, Rikolto en Eight enkele dagen naar Ivoorkust, om de impact van het Boni Living Income project na één jaar op terrein te gaan bekijken. Het werd een intense trip, die op iedereen indruk maakte. Met nieuwe inzichten en nog meer energie smijten de partners zich op het vervolg van deze unieke samenwerking.
Lekker bezig!
Je hebt ze ongetwijfeld al in de Colruyt winkelrekken zien liggen: de Boni chocoladerepen in 10 verschillende smaken, met het Fairtrade-logo én het ‘Lekker bezig’-label. Behalve dat ze stuk voor stuk overheerlijk zijn, dragen ze ook allemaal bij aan een leefbaar inkomen voor de boer·inn·en die de cacao ervoor produceren. Wat in 2020 begon als een pilootproject met 1 tablet, is in 2024 uitgebreid naar het hele gamma Boni chocoladerepen. Er zijn ook steeds partners bijgekomen, dus na ruim een jaar samenwerking op afstand, wilden die elkaar wel eens allemaal ontmoeten om te kijken hoe alles ter plaatse loopt en wat misschien nog kan verbeterd worden.
De trip startte in N’zidrikro, waar de coöperatieve Scoopaged cacaobonen levert aan Puratos. Dankzij het Cacao-Trace programma van Puratos, dat deel uitmaakt van dit project, zijn die bonen van topkwaliteit én krijgen de boer·inn·en technische ondersteuning op hun veld. Zo ontvangen ze organische meststoffen en schaduw- en fruitbomen voor een gezondere en biodiversere plantage. Fairtrade Africa ondersteunt de lokale vrouwenspaargroep en enkele van de leden daarvan volgen een opleiding aan de Women’s School of Leadership van Fairtrade. Daarnaast begeleidt Fairtrade Africa de boer·inn·en ook in het gebruik van zogenaamde ‘farm record books’, waarin hun productie, inkomsten en uitgaven nauwgezet opgevolgd worden.
Allemaal zaken die hun weerbaarheid in een complexe markt versterken, maar waar de boer·inn·en het meest van wakker liggen op het moment dat we in N’zidrikro aankomen, is de prijs die ze voor hun cacao krijgen. De Ivoriaanse overheid heeft de gereguleerde prijs namelijk net drastisch verlaagd, wat voor de meeste boer·inn·en een zware klap betekent voor hun inkomen. Maar niet voor de boer·inn·en in dit project, die dankzij het engagement van Colruyt Group verzekerd zijn van de zogenaamde ‘living income reference price’.
Het levert emotionele gesprekken op de eerste avond, met z’n allen schuilend voor de hevige regen in een schooltje dat ze dankzij dit project hebben kunnen bouwen. Maar wanneer de regen stopt, worden de muziekboxen naar buiten gedragen en start er een dorpsfeest dat tot de ochtend zal voortduren. De buitenlandse gasten houden het rond middernacht voor bekeken en kruipen in hun slaapzak onder hun muskietennet in één van de klaslokalen die tot slaapzaal is omgebouwd. Met dank aan de lokale gastvrijheid.
De volgende dag trekken we naar San Pedro, aan de kust. Een lange autorit die pijnlijk duidelijk maakt hoe massaal dit land ontbost is voor het aanplanten van cacao, rubber en oliepalm. Naar schatting 90% van het oorspronkelijke regenwoud is de laatste 60 jaar verdwenen, en zeker de laatste decennia was dit grotendeels voor het planten van cacaobomen. De inspanningen van Fairtrade, en in dit project ook Puratos, om deze trend te keren, zijn dan ook broodnodig. Dat erkennen ze ook bij ECSP in Daregba, de tweede coöperatieve die cacao levert voor de Boni-tabletten.
Naast sensibilisering, is ook diversificatie van inkomen een manier om het risico op ontbossing te verminderen. Daar dragen onder meer de Belgische ngo’s Rikolto en Eight aan bij, met de financiële steun van de Colruyt Group Foundation. Zo coördineert Rikolto de lokale spaargroep en een kippenboerderij. Eight zorgt voor een maandelijkse geldoverschrijving aan alle dorpelingen, zonder hier voorwaarden aan te koppelen. Dat levert interessante vaststellingen op. De meerderheid van de inwoners investeert minstens een deel van dit geld in een nieuwe onderneming of handelsactiviteit, gaande van een kapsalon over de verhuur van koelruimtes tot het kweken van varkens. Daarnaast helpt het ook om hun kinderen naar school te sturen, tot hoger onderwijs toe, wat dan weer het risico op kinderarbeid verkleint.
En zo stellen we vast dat het de combinatie van alle partners en van alle verschillende interventies is, die dit project zo sterk maakt. Alles versterkt elkaar. Tegelijk moeten we ook toegeven dat er nog ruimte voor verbetering is. Er kan nog beter samengewerkt worden op het terrein. Iets waar deze trip zeker toe bijdraagt; iedereen leert elkaar persoonlijk kennen en ook de partners uit België begrijpen nu veel beter waar de prioriteiten liggen.